Laatste nummer Neerslag

Magazine

Lees de artikelen uit Neerslag hier online!

Klik hier

Artikelen zoeken

 

KNW

Binckhorstlaan 36, M417
2516 BE Den Haag
Telefoon 070 322 27 65
E-mail: info@waternetwerk.nl

Cacaobrand te Zaandam

Hans Korsman

Cacaobranden zijn geen onbekend verschijnsel in de Zaanstreek. De afgelopen jaren zijn diverse opslagplaatsen met cacao in vlammen opgegaan. Een brand in een partij cacaopoeder kan heel lang duren, omdat het poeder door de hitte verandert in een stroperige massa die lang blijft nasmeulen. In juli 2003 werd distributiebedrijf Furness Logistics in Zaandam geheel verwoest, daar ging een gigantische hoeveelheid cacaopoeder in rook op. Brandweerlieden hebben 5 dagen werk gehad om de brand uit te krijgen, zij kregen daarbij zelfs assistentie van drie blusboten en twee blushelikopters van het leger.

Op donderdag 18 december 2003 was het weer raak, dit keer brand bij het cacaoverwerkende bedrijf ‘ADM Cocoa’ in de Wormer. Om 6.27 uur kwam een alarmerend telefoontje binnen bij de brandweer. Er was een stelling omgevallen over een lengte van 50 meter, volgestouwd met pallets met daarop cacaopoeder in big-bags van 1.000 kg. De brand is vermoedelijk ontstaan door kortsluiting tijdens het ongeluk. Een medewerker werd vermist, hij zou waarschijnlijk nog in zijn vorkheftruck zitten, bedolven onder de cacao. Terwijl het blussen in volle gang was, werd om ongeveer 8.16 uur de man gevonden, hij zat vast in zijn heftruck. Met een hydraulische knipschaar is het dak van de heftruck verwijderd en kon de man naar boven getrokken worden. In het ziekenhuis is hij nagekeken en wonder boven wonder mankeerde de man niets, hij had alleen rook binnengekregen. De brandweerlieden moesten zich terugtrekken uit het gebouw, de brand was niet te stuiten en de vlammen laaiden steeds hoger op. Bovendien werden de overige stellingen instabiel door het gewicht van bluswater. Door de ongunstige wind lag een woonwijk onder dikke rook en vliegvuur. Zo’n 1.200 mensen moesten geëvacueerd worden, want bij cacaobranden kunnen het giftige blauwzuur en koolmonoxide vrijkomen. (De evacués kregen overigens in het opvangcentrum naast koffie ook warme chocolademelk aangeboden).

Om 19.30 uur sloeg het vuur aan alle kanten uit de enorme loods. Grote stukken brandende dakbedekking vlogen door het dorp en zorgden voor veel overlast en brandgevaar. De gebouwen in de omgeving werden dan ook constant bewaakt door de brandweer. Ruim tweehonderd brandweerlieden waren toen aan het werk. Brandweer regio Zaanstreek-Waterland zette alle voertuigen en een blusboot in, regio Noord Holland Noord leverde 11 voertuigen, Zuid en Midden Kennemerland schoten met 10 voertuigen te hulp, en regio Amsterdam e.o. was met 9 voertuigen en het blusvaartuig Jan van der Heijden aanwezig. Twee crashtenders van de luchthaven Schiphol hielpen mee met blussen (dat zijn enorme blusvoertuigen met een flinke ‘worplengte’). Andere brandweerkorpsen zorgden voor bezetting van de lege kazernes in de regio Zaanstreek-Waterland. Tot diep in de nacht bleef het gevaarlijk rondom het brandende gebouw. Vrijdagmorgen om half tien volgde het sein brand meester, er was geen gevaar meer voor overslag naar omliggende gebouwen. Maar de 13.000 ton cacaopoeder brandde en smeulde nog. Pas op dinsdag 23 december was het veilig en konden alle bewoners weer terug naar hun huizen en mocht er in de omliggende bedrijven weer gewerkt worden.

Na het sein brand meester is direct begonnen met de sloop van het gebouw en het opruimen van brandende cacao en verwrongen staal. Dat ging dag en nacht door in een ploegensysteem. Onder moeilijke omstandigheden werd door mensen van een sloopbedrijf hard gewerkt in rook en stank. Met cacaopoeder werd een ringdijk gemaakt, in het met water gevulde bassin werd door shovels brandende cacao gestort. Na enige tijd werd het poeder weer uit het water opgevist maar het bleef oppassen want het kon dan gelijk weer in brand vliegen. Twee hydraulische kranen en enkele shovels raakten oververhit door het vele werk. Ze hadden te kampen met cacaopoeder in de motoren en vlogen in brand. Het staal en de cacao werd gescheiden afgevoerd. Het poeder werd afgevoerd met schepen die voor de wal lagen bij ‘ADM Cocoa’. De brandweer heeft daar steeds tussen gestaan met diverse waterkanonnen en handstralen. Ook op het dek van de schepen stond een brandweerman om eventueel de cacao verder af te blussen. Brandweerlieden uit heel Noord-Holland hebben meegeholpen bij het nablussen. Ze zijn 8 dagen in touw geweest, om precies te zijn: 202 uur, 5 minuten en 4 seconden.


Tijdens de brand werden onvoorstelbare hoeveelheden bluswater gebruikt, dat vermengd met het stroperige cacaopoeder, via sloten een weg probeerde te zoeken naar het achterliggende veenweidegebied, een natuurgebied. Klaas Jan de Hart van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, was al vroeg in de ochtend bij de brand aanwezig. Hij wist dat het een langdurige klus zou worden; dit was zijn derde brand van deze omvang en de tweede cacaobrand in een jaar.

Klaas Jan: „Door duikers af te dammen, werd een buffer voor de opvang van het bluswater gevormd. Ook het naastgelegen natuurterrein werd hiervoor gebruikt. Om te voorkomen het industrieterrein naast ADM Cocoa en het hele park zou inunderen, werden in eerste instantie twee noodpompen ingezet, gemonteerd achter tractoren. Die pompten bluswater vermengd met cacao noodgedwongen in de Zaan. Waar moesten we er anders mee heen? Het Zaangemaal werd in werking gesteld om het verontreinigde water zo snel mogelijk naar het Noordzeekanaal af te voeren. De brandweer begon echter steeds meer bluswater te gebruiken en toen de crashtenders van Schiphol mee gingen helpen met blussen, hadden we inmiddels vier noodpompen draaien en een vuilwater pomp van ADM Cocoa zelf. We brachten toen 80 m3/min. bluswater op de Zaan. Zolang er geblust werd hadden we 24 uur per dag mensen paraat bij de pompen. Om de laatste pompen te kunnen opstellen moesten we midden in de nacht ook nog een brug bouwen, want de uitstroompijpen van deze pompen moesten over de toegangsweg. Brandweer, mobiele eenheid en ambulances moesten natuurlijk ongehinderd kunnen passeren.”

Klaas Jan de Hart gaat verder met: „Tijdens de afbouw van de brand hebben we al afspraken gemaakt over het schoonmaken van de waterpartijen in het park. ADM Cocoa moest de vervuiling opruimen. In januari kon daarmee worden begonnen. Sloten werden drooggezet en de cacaoprut werd met hydraulische kranen opgeruimd. Een andere waterpartij was daarvoor echter veel te groot. Daar is een zuiger ingezet, die de smurrie rechtstreeks in een schip pompte dat in de Zaan lag. Nadat de cacao in het schip was bezonken, kon het water weer retour naar het park. Half februari waren de schoonmaakwerkzaamheden gereed.”

Nu is er in de omgeving van de fabriek, het park, de Zaan en Voorzaan en het Noordzeekanaal nauwelijks meer een spoor te vinden van restanten cacao van de brand. „Alleen”, zegt Klaas Jan de Hart: „de cacaopoeder vind ik nog steeds onder de motorkap van mijn auto.”